Column 23 Einde TBS & blik op de toekomst

In de weken voorafgaand aan de publicatie van dit e-book bereid ik mij voor op de 7e tbs-verlengingszitting. Het is goed mogelijk dat de zitting op 11 oktober 2024, een van de laatste inhoudelijke zittingen zal zijn. Behoudens het Openbaar Ministerie (OM) lijken alle betrokken professionals het er, althans op papier, over eens te zijn dat het verantwoord is om het gedwongen behandelkader van Nadia’s moordenaar onder voorwaarden te beëindigen. Er zou sprake zijn van een ‘laag’ recidiverisico.

Wanneer ik de stukken lees die de professionals over Pascal F. hebben geschreven, verbaast het mij keer op keer dat ik als nabestaande, terwijl ik Pascal tot de moord op mijn zus nog nooit had ontmoet, meer kennis en inzicht lijk te hebben in zijn leven en jeugd dan zijn behandelaren. Ook is het verbijsterend om in het reclasseringsrapport te lezen dat zijn ouders, die hemel en aarde hebben bewogen om hun kind uit handen van justitie te houden, sinds zijn terugplaatsing naar de Rooyse Wissel in december 2019 al het contact met hem hebben verbroken.

Hans en Betsie F. hebben nooit de strafrechtszaken of de tbs-verlengingszittingen bijgewoond. Waarom ga je eerst zo ver om je kind te beschermen, weiger je daarna in te gaan op verzoeken van de tbs-kliniek om inzicht te geven in zijn leven en ontwikkeling, en verbreek je uiteindelijk volledig het contact? Op deze vraag, en op alle andere vragen die jarenlang door mijn hoofd hebben gespeeld, zullen wij nooit antwoorden krijgen.

Mediation
Tot mijn eigen verbazing heb ik voorafgaand aan de tbs-verlengingszitting in mei 2021 een formeel ‘mediation in strafrecht’-verzoek ingediend bij het OM en de rechtbank. In essentie verzocht ik de rechtbank om een extern mediationbureau de opdracht te geven te onderzoeken of Nadia’s moordenaar bereid en in staat zou zijn om, onder begeleiding van een gespecialiseerde mediator, met mij in gesprek te gaan. Hoewel dit een vrijwillig verzoek was, had het ook een juridische grondslag. De gedachte was dat het niet ingaan op dit verzoek zou kunnen worden meegewogen in de besluitvorming van de rechters over het verloop van zijn behandeling.

Voor de rechtszitting lag ik nachtenlang wakker, twijfelend of ik het mediationverzoek echt wilde indienen. Durfde ik met hem in gesprek te gaan? Zou het me überhaupt iets positiefs opleveren? Na verschillende gesprekken met mijn man, mijn moeder en Arlette Schijns, die me als advocaat tijdens dit proces bijstond, hakte ik de knoop door. Ik had geen illusie dat Pascal bereid of in staat zou zijn mij inzicht te geven in de aanleiding van de moord op mijn zus. De belangrijkste reden dat ik het verzoek toch indiende, was dat ik hem wilde vertellen wat zijn daad heeft aangericht in mijn leven en dat van mijn ouders.

Herstel
Daarnaast hoopte ik, door het mediationverzoek niet via Perspectief Herstelbemiddeling maar via de rechtbank te laten opleggen, te laten zien dat Pascals spijtbetuiging een holle frase was. Helaas bleek ook dit vergeefs: de rechtbank maakte tijdens de daaropvolgende tbs-verlengingszitting in mei 2023 met geen woord melding van het mislukken van mijn mediationverzoek. Toch is het verzoek wel in het vonnis opgenomen, wat betekent dat ik mogelijk als eerste nabestaande een precedent heb geschapen. Het juridische fenomeen ‘mediation in strafrecht’ wordt namelijk steeds vaker door strafrechters opgelegd, maar in de context van tbs is het nog vrijwel onbekend.

Het is jammer dat zowel de Rooyse Wissel als de Oostvaarderskliniek, gedurende de jaren dat zij verantwoordelijk waren voor de behandeling van moordenaar van mijn zus, op geen enkele manier blijk hebben gegeven van ‘slachtofferbewust werken’. De onbekendheid met slachtofferherstel gericht werken binnen een forensisch psychiatrisch behandelkader kan een verklaring zijn voor het feit dat mijn mediationverzoek nooit van de grond is gekomen.

Ik juich het toe dat steeds meer tbs-klinieken de meerwaarde van herstelrecht beginnen te erkennen en toepassen. In veel gevallen kan ook de tbs-gestelde profiteren van de positieve uitkomsten hiervan. De gedachte is dat gesprekken tussen dader en slachtoffer kunnen bijdragen aan de bereidheid tot of motivatie voor behandeling. Bovendien hoeft herstelbemiddeling niet altijd te leiden tot een direct gesprek tussen dader en slachtoffer. Een mediator kan ook afzonderlijk met beide partijen contact hebben, wat door een of beide partijen als voldoende kan worden ervaren.

Toekomst
Op het moment dat dit e-book verschijnt, is het standpunt van het OM mij in grote lijnen bekend. Naar verwachting zullen zij pleiten voor een verlenging van één jaar en zich verzetten tegen het overslaan van de proefverlof fase. Uit de deskundigen-rapportages blijkt dat Pascal stressvolle situaties in intermenselijk contact consequent vermijdt. Hij geeft aan dat hij pas na afronding van zijn tbs sociale contacten wil aangaan. Maar is het recidiverisico daadwerkelijk laag? Of lijkt het slechts goed te gaan omdat hij niet wordt blootgesteld aan confronterende situaties? Het feit dat het OM de zaak uiterst serieus neemt, blijkt uit de aanwezigheid van twee officieren van Justitie, die op 11 oktober gezamenlijk hun requisitoir zullen voeren.

Toch houd ik er rekening mee dat de rechtbank op 25 oktober in haar vonnis kan besluiten tot een voorwaardelijke beëindiging van de tbs-maatregel. Of het OM, net als vorig jaar, in beroep zal gaan als de uitspraak niet overeenkomt met hun eis, durf ik niet te voorspellen. Hoewel ik het volstrekt onverantwoord vind dat het einde van Pascal F.’s gedwongen behandelkader in zicht komt, verlang ik er tegelijkertijd ook naar dat deze eindeloze rechtszittingen ten einde komen.

Juridische zijlijn
Mijn moeder heeft de tbs-zittingen vaak vergeleken met een ‘juridische poppenkast’, waarin alles enkel om de dader draait. Als nabestaande sta je voortdurend aan de zijlijn, terwijl de dader op handen wordt gedragen. Ik koester zeker niet de illusie dat ik door mijn ervaringen als slachtoffer op te schrijven het strafrechtsysteem kan veranderen. Wat ik wel kan beogen, is dat mensen kritischer gaan nadenken over de zin en onzin van ‘gedwongen behandeling’, vooral wanneer duidelijk wordt dat de tbs-gestelde jarenlang niet in staat of bereid is om mee te werken. Door mijn verbazing hierover te uiten, hoop ik deze discussie met meer oog voor de impact die deze zittingen hebben op slachtoffers en nabestaanden, aan te wakkeren.

Onder de noemer ‘nationale veiligheid’ krijgen tbs-veroordeelde daders vaak jarenlang herhaaldelijk de kans om onder strikte begeleiding stapsgewijs terug te keren in de maatschappij. Iedere Nederlandse burger draagt bij aan de bekostiging en (twee)jaarlijkse her-evaluatie van hun gedwongen behandeling. Hoewel ik het belang en de meerwaarde van tbs-behandeling zeker niet wil ontkrachten, vind ik dat het hoog tijd is voor een verandering in het maatschappelijk denken. Het herstel van slachtoffers en nabestaanden van geweldsdelicten wordt nog te veel gezien als een ‘individueel probleem’, terwijl ook zij tijdens de verschillende fases van hun ‘herstel’ aanspraak zouden moeten kunnen maken op passende ondersteuning en erkenning.

Laten we samen niet alleen zorgdragen voor daders en verdachten, maar voor eenieder die dat nodig heeft. Want samen zijn we meer dan jou en mij!

cartoon
cartoon
Lucinda van de Ven

Over Lucinda

In november 2019, een maand nadat OverLeven in première ging, nodigde misdaadjournalist Jolande van der Graaf mij uit om mijn ervaringen als nabestaande van een moord, te delen met de lezers van Femke Fataal. Aan deze website zijn alleen vrouwelijke schrijvers verbonden die als professional of vanuit ervaringsdeskundigheid, hun visie delen op en over de gevolgen van ernstige criminaliteit.

Nabestaanden van moord,
de vergeten slachtoffers